

15 mei 2012
Dieuwke Vermeulen
"Dat is een autist." Als ik die zin hoor voel ik altijd de prikkelingen in mijn nek lopen. Een autist? Hoe ziet die er dan uit? Heeft hij bepaalde uiterlijke kenmerken waaraan je hem direct herkent?
Ik heb ze nog niet gezien.
Ik weet alleen dat als je goed kijkt je bepaalde kenmerken zou kùnnen zien. Bijvoorbeeld een vlakke gezichtsmimiek of het vermijden van oogcontact. Maar om nu op straat iemand tegen te komen en meteen als `autist` te herkennen is mij nog niet gelukt.
Dat kan wel bij iemand die invalide is. Bij het zien van een rolstoel kun je zelf wel je conclusie trekken dat hij daar niet vrijwillig in zit. Of bij iemand met het Syndroom van Down.
Lees je meteen het verschil? Er wordt gesproken over ìemand die invalide is en een persóón met het Syndroom van Down. Daar wordt de handicap wel losgehaald van de persoon. Je ziet dus het persoon mèt een handicap en niet alleen de handicap.
Waarom dat bij iemand met autisme niet altijd zo is? Ik weet het eigenlijk niet. Alsof autisme iemand is en niet de persoon zelf. Alsof het autisme alleen bepaalt wie hij is.
Ik vind het een denigrerende uitspraak. Is `een autist` minder dan een ander? Hoort `een autist` om zijn anders zijn er niet volledig bij?
Dat geloof ik nooit.
Anders zijn mag en maakt de wereld mooier. Ik moet er niet aan denken dat iedereen hetzelfde is. Geen mooie gesprekken meer over het waarom van bepaald gedrag. Geen mooie emoties meer waneer je ontdekt dat als iets heel anders gaat het ook fijn is. Geen boze buien meer die jezelf aanzetten tot nadenken over je eigen handelen. Gewoon een kabbelend bestaan zonder hoogte- en dieptepunten. Ik moet er niet aan denken.
We leven in een dichtbevolkt landje met allemaal mooie mensen. Kijk en leer van de ander en vooral: zoek de verschillen. Die maken het mooi. Geniet!