REËLLES NIEUWS

Je bent een verschrikkelijk kind

“‘Hoezo soepel? Heb je gewoon gelopen waar de dokter bij was? Besef je wel dat ik nu een enorme flater sla?’ Ik werd overspoeld met verwijten. Dit was niet het enige probleem, tijdens deze ondervragingen werd ik telkens rood. (…) ‘Waarom krijg je nu zo’n kleur? Ben je de boel aan het besodemieteren?’ Ik ontkende en zei dat ik echt ziek was. ‘Als ik erachter kom, ik maak je af.’ Doordringend keek ze met haar donkere ogen naar mij.”

 “Je bent een verschrikkelijk kind”: dat verwijt krijgt Nina Blom maar al te vaak van haar moeder. Ze zou immers het gezin kapotmaken door haar voortdurende ziekzijn, terwijl ze ook vaak beweert geen pijn te hebben. Hierbij gaat haar moeder er, bewust of onbewust, aan voorbij dat juist zíj degene is die Nina van dokter naar dokter, van ziekenhuis naar ziekenhuis sleept en haar telkens dwingt te klagen over pijn die Nina dus niet daadwerkelijk voelt. Nina is een slachtoffer van MBPS, het Münchhausen by proxy-syndroom.

MISHANDELING
Nina groeit op in wat lijkt op een gewoon gezin met een vader, moeder en oudere zus. Al vanaf haar jongste jaren loopt haar moeder dokters af met haar, maar van haar negende tot veertiende ligt Nina of in het ziekenhuis of thuis in bed, heeft ze weinig contact met leeftijdsgenootjes en komt ze amper buiten. Haar moeder regisseert de boel en doet intussen poeslief en overbezorgd tegenover dokters en verplegers. “‘Nina heeft al maanden last van veel pijn. Het is allemaal begonnen in haar liezen. Strompelend ging ze naar school. Soms moest ze erg huilen van de pijn. Nina wilde pertinent naar school. Toen kreeg ze een keelontsteking en niet veel later begonnen ook haar andere gewrichten veel pijn te doen. Nina kan niet meer lopen.’ Mama had het verhaal alweer erger gemaakt dan de vorige keer. Papa knikte alleen maar.” In werkelijkheid had Nina alleen maar tijdens de laatste vakantie een keertje geklaagd over spierpijn. Gezien het feit dat Nina’s ouders er dus geen probleem mee hebben haar allerlei onnodige onderzoeken, prikken en operaties te laten ondergaan en haar haar ziekte(s) aan te praten, komt het niet echt als een verrassing dat ze haar zelf ook mishandelen. Dit gebeurt met name als Nina weinig lichamelijke klachten blijkt te hebben; haar ouders beschuldigen haar er dan van de boel te bedriegen, terwijl zij juist in opdracht van (en uit angst voor) haar moeder handelt. Beide ouders schelden haar de huid vol en moeder deinst er daarnaast niet voor terug haar dochter te slaan, schoppen, bijten en de keel dicht te knijpen. Maar wie zou Nina geloven? Daarbij heeft ze nog lang het gevoel haar ouders toch te moeten beschermen.

NIET NORMAAL
Voor haar boek maakte Nina Blom niet alleen maar gebruik van haar eigen herinneringen – door medicijngebruik waren deze soms behoorlijk wazig – maar ook van dossiers van ziekenhuizen waar ze was opgenomen. Hiermee geeft ze een chronologische rapportage over wat haar allemaal overkwam, zowel in de ziekenhuizen als daarbuiten. Ook haar gedachtes worden weergegeven en hier is te zien dat Nina maar wat goed doorheeft dat de manier waarop ze wordt behandeld, geen alledaagse aanpak is. Wil ze eindelijk eens zelf kiezen welke kleren ze aandoet, krijgt ze nog de wind flink van voren van haar ouders. “Ma werd woest. ‘Ik ga nu naar jouw vadertje toe om te vertellen wat voor verschrikkelijk moeilijk kind jij bent. Ik doe alles voor je, ik til me letterlijk een breuk aan je, en wat krijg ik? Stank voor dank. Je krijgt alles wat je hartje begeert. Je bent een ondankbaar kreng, hoor je wat ik zeg?’ (…) Ineens gooide mijn vader zijn hete koffie over mijn rechtervoet en over de vloerbedekking en begon vreselijk te vloeken.” De zaken waarvoor hij zijn dochter uitmaakt, zijn niet van de lucht.

Het is ten slotte vrijwel onmogelijk te bepalen welke situatie zorgwekkender is: dat Nina’s ouders daadwerkelijk niet snapten waarom Nina in het ziekenhuis over pijn klaagde, maar thuis zei geen pijn te hebben, of dat ze dit verdraaid goed wisten en haar willens en wetens probeerden kapot te maken.

LICHTPUNTJES
Op haar veertiende is er een lichtpuntje voor Nina: een kinderarts herkent wat er gaande is en ze wordt uit huis geplaatst en onder toezicht gesteld. Ze leert haar spieren gebruiken, die verzwakt zijn omdat ze niet werden gebruikt en door de zwachtels die haar moeder steeds strakker ombond. Ze kiest er uiteindelijk voor haar ouders niet meer te zien en hoewel ze haar hele verleden wegdrukt, lijkt het een paar jaar relatief goed met haar te gaan. Ze ontmoet nieuwe mensen en wordt (door omstandigheden gedwongen) zelfstandig.

Dan komt de terugval: wegens geldnood wordt Nina door haar vriend gedwongen contact op te nemen met haar ouders om om geld te vragen. Ze wordt er kotsmisselijk van, zeker als ze concludeert dat haar moeder geenszins is veranderd. Langzaam maar zeker krabbelt ze hierna weer op: ze verlaat deze vriend, ontmoet wederom nieuwe mensen en gaat in therapie voor de posttraumatische stressstoornis die ze aan haar jeugd heeft overgehouden. Ze vindt oude bekenden terug en gaat zich beetje bij beetje beter voelen. “Ik hoop dat het einde van mijn boek het begin kan zijn van vrijheid. Het is tijd om te leven! Ik kan weer lachen, huilen, voelen, liefhebben, dansen en bovenal: ik voel dat men mij ook kan liefhebben. Ik word gewaardeerd om wie ik ben; en dat is wat ik vroeger altijd echt gemist heb…”

KLIM OOK IN DE PEN!
Heb jij dit boek ook gelezen? Reëlle hoort graag wat jij ervan vindt, dus laat vooral een reactie achter. Of heb jij een ander boek gelezen waarvan je wijzer bent geworden? Laat het ons weten!  

Bekijk de Facebookpagina van Nina Blom waar onder andere een documentaire over haar op staat!


REACTIES

Je bent een verschrikkelijk kind

SCHRIJF EEN REACTIE

code
Klik hier als u de code niet kunt lezen.
Velden met een * zijn verplicht.
REËLLE TWITTERT
VOLG REËLLE