REËLLES NIEUWS

Van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving

Meer participatie loont!

Meer participatie loont!

Volgens de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) moet ‘iedereen meer meedoen’. Promovenda Marja Jager-Vreugdenhil deed onderzoek naar de vraag of de Wmo wel leidt tot meer participatie. En hoe dan? Hoe kunnen we zorgen dat burgers individueel meer gaan doen, zodat de professionele zorg een stapje terug kan doen?

De Wmo wordt wel ‘participatiewet’ genoemd. Iedereen moet meer mee gaan doen. Als er maar meer mensen gaan participeren in buurten, verenigingen en allerlei andere sociale verbanden, zal er meer sociale cohesie ontstaan en daarmee meer informele zorg, is de verwachting. Jager-Vreugdenhil laat zien wat wel en niet realistisch is in deze beleidsredenering: een samenleving waarin mensen vanuit hun eigen intrinsieke motivatie kunnen, willen en mogen meedoen in allerlei formele en informele sociale verbanden.

WANNEER BEN JE ZELFREDZAAM
De uitwerking van de Wmo kan grote verschillen geven tussen gemeenten. Jager-Vreugdenhil “De Wmo is een kaderwet, de wetgever heeft bewust veel beleidsvrijheid gegeven aan de gemeenten. Maar daardoor zijn er veel open einden. Bijvoorbeeld over de vraag tot op welke hoogte je als gemeente compenseert. Is dat tot het niveau waarop burgers zich thuis kunnen redden en een boodschap kunnen doen? Of ga je veel verder en ben je pas tevreden als iedereen een opleiding kan volgen en deel kan nemen aan de arbeidsmarkt?” Bovendien is er een verschil in opvatting tussen burgers en overheid over het begrip zelfredzaam. “De overheid definieert dat in de Wmo als zo veel mogelijk zelf doen zonder een beroep te hoeven doen op professionele hulp. Veel burgers zien zelfredzaamheid echter heel anders: zij noemen zichzelf zelfredzaam als ze de weg naar professionele zorg weten te vinden, zodat ze geen beroep te hoeven doen op familie, vrienden of buren”, zo merkte Jager-Vreugdenhil.

VERHAAL ERBIJ VERTELLEN
Jager-Vreugdenhil ziet Nederlanders eerst kijken naar de overheid als ze zorg nodig hebben. Zorg is een taak van de overheid, zo wordt het ervaren. “Mensen gaan nu eerst naar de gemeente, die ze vervolgens vertelt dat ze ook in hun eigen omgeving moeten kijken. Daarmee komt de last van de cultuuromslag op de zwakste schouders,” vertelt Jager-Vreugdenhil. Volgens haar ligt de oplossing bij de mensen die zorg aan kunnen aanbieden. Door juist die groep te informeren over hun rol in een maatschappij waar iedereen voor elkaar zorgt, verlaag je de drempel om zorg te vragen. “Er wordt nu nog helemaal niet uitgesproken dat er een verwachting bij burgers ligt. Ik krijg als burger nu niet de oproep of ik wat voor mijn buren wil doen om ons stelsel betaalbaar te houden. Wethouders, maar ook de rijksoverheid moeten dat verhaal er bij vertellen.”

RIGOREUS STOPPEN MET ZORGTAKEN
Niet iedereen denkt er zo over. Aaike Kamsteeg, als wethouder van Zwijndrecht verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wmo in die gemeente, ziet liever dat de overheid zich veel meer terugtrekt: “Het gaat hier om een cultuurverandering, die gaat langzaam, maar ik wil niet tot sint-juttemis wachten. Er moet een urgentiegevoel zijn. Dat is er nu wel bij politici, maar nog niet bij de burgers”, zegt Kamsteeg. Hij ziet daarom het liefst dat de overheid rigoureus stopt met het aanbieden van een aantal zorgtaken. “Door te stoppen met zorgtaken word je binnen een groep of familie bijna gedwongen om je steentje bij te dragen. Dat vind ik positief.”

ZORGVRAGER STIMULEREN
Ook Bert Holman, projectleider Wmo bij het ministerie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport, wil vooral de zorgvrager stimuleren. “We moeten mensen niet te snel afhankelijk maken van de overheid, maar goed kijken naar wat iemand nodig heeft en waar dat vandaan kan komen. Als dat binnen het eigen netwerk kan is dat alleen maar beter.” Het extra stimuleren van mensen die geen zorg nodig hebben om zich meer aan te bieden, zoals Jager-Vreugdenhil voorstelt, vindt Holman overdreven. ‘We voeren al campagne, en er is een brede maatschappelijke discussie aan de gang over participatie. Dat is het belangrijkst, dat we het er met elkaar over hebben. Op die manier moeten we met elkaar aan een cultuuromslag werken.”

VRAAG HET DE BURGER ZELF!
Ook Reëlle houdt de maatschappelijke ontwikkelingen in de gaten. Gemeenten sturen aan op bewustwording en gedragsverandering van maatschappelijke organisaties en burgers. Een gedragsverandering die ook wel wordt genoemd van ‘verzorgingsstaat naar participatiesamenleving.’ Overheid en burger geven een andere invulling aan het begrip zelfredzaamheid. Om erachter te komen hoe die kloof te dichten kunnen gemeenten hun kwetsbare burgers vragen naar hun ideeën en ervaringen met de transities in Jeugdzorg en AWBZ. Eenvoudig door een Krachtenbundel met dit thema uit te werken samen met Reëlle!

Meer weten over het proefschrift van Marja Jager-Vreugdenhil

Lees hier alles over Marja’s promotie

Is participatie de oplossing voor zorg?   



REACTIES

Van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving

SCHRIJF EEN REACTIE

code
Klik hier als u de code niet kunt lezen.
Velden met een * zijn verplicht.
REËLLE TWITTERT
VOLG REËLLE